NGV-Geonieuws 192

NGV-Geonieuws: elektronisch geologisch tijdschrift


Juni 2012, jaargang 14 nr. 6

Redactie: dr. W.M.L.(Willem) Schuurman

1261 Een draaiend wolkendek
Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon, AMU, Poznan

Klik hier voor alle artikelen over (Paleo)Klimaat !

Geologie behoort tot de aardwetenschappen. Daartoe behoren ook disciplines die niet direct met de vaste aarde te maken hebben, zoals meteorologie en klimatologie. Ook die disciplines kunnen, direct of indirect, hun invloed op de vaste aarde uitoefenen (meteorologie bijvoorbeeld in de vorm van regenval die erosie veroorzaakt, stromen doet ontstaan die riviererosie veroorzaken, en sedimentatie van delta’s die worden opgebouwd uit de stroomopwaarts geërodeerde en door de rivier meegevoerde deeltjes). Het is daarom goed om af en toe eens aandacht te besteden aan het wolkendek. De meimaand leverde voor Nederland wat dat betreft genoeg bewolking op, al zullen weinigen daar met plezier naar hebben gekeken.

Soms is er echter wel iets bijzonders te zien, zeker wanneer het blikveld sterk wordt verruimd, bijv. vanuit een satelliet. De MODIS (MOderate Resolution Imaging Spectroradiometer) aan boord van de Aqua, een NASA satelliet, leverde bijvoorbeeld vorige maand een prachtig plaatje op. Het gaat om een verstoring van het normale wolkendek doordat wind tegen een object botste. In dit geval was dat object de met sneeuw bedekte top van de Beerenberg vulkaan op het Jan Mayen Eiland in het noorden van de Atlantische Oceaan.

Wolken die door de wind worden voortgedreven, gedragen zich als een soort vloeistof. Wanneer een vloeistof tegen een relatief klein voorwerp opbotst, ontstaan er wervelingen (vortices). Hoe eenvoudig dat ook klinkt, het is een tamelijk gecompliceerd proces waaraan de Hongaars-Amerikaanse natuurkundige Theodore von Kármán veel onderzoek heeft gedaan. De wervelingen worden daarom Von Kármán vortices genoemd.

De ‘wolkenstroom’ die tegen het Van Mayen Eiland opbotste (vanuit het noord-noordoosten), werd door de 2,2 km hoge top in zijn voortgang belemmerd, waardoor de vortices ontstonden. Dat gebeurde aan beide kanten van de bergtop, waarbij de vortices aan weerszijden uiteraard tegengestelde draairichtingen kregen. Het bleef overigens niet bij de vorming van een enkele vortex aan weerszijden van de bergtop, want de opgewekte vortices werden door de wind natuurlijk verder naar het zuid-zuidoosten meegevoerd, en bij de vulkaantop ontstonden telkens nieuwe vortices. Dit leverde uiteindelijk het beeld op van een spoor vanaf de vulkaantop naar het zuid-zuidoosten, met twee naast elkaar gelegen series van tegengesteld gedraaide vortices. Ook wolken kunnen het bekijken waard zijn!


De Von Kármán vortices bij de Beerenberg vulkaan.


Het langgerekte spoor van de Von Kármán vortices
windafwaarts van het Jan Mayen eiland


Referenties:
  • Voiland, A., 2012. Von Kármán vortices in the Greenland Sea. www.earthobservatory.nasa.gov/NaturalHazards/view.php?id=77654.

Foto: Jeff Schmaltz, LANCE/EOSDIS Modis Rapid Response Team, NASA.


Copyright © NGV 1999-2017
webmaster@geologischevereniging.nl